Een brief aan de formateur

Zo ziet een stad eruit die van iedereen is

Amsterdam heeft een nieuwe coalitie in de maak. En wij hebben iets te zeggen.

Op 1 mei stuurden we als MeentCoop een brief aan de formateur en de onderhandelingsdelegaties van PRO Amsterdam en D66. Met coöperaties, bewonersinitiatieven en gemeenschapsorganisaties die elke dag werken aan een stad die lokaal, democratisch en sociaal is.

De brief is onze uitwerking van Het Amsterdams Coöperatief Verbond – de oproep die op 2 maart door tien partijen werd ondertekend. Nu is het moment om die woorden om te zetten in daden. In coalitieakkoord. In beleid. In borging die verder reikt dan één bestuursperiode.

Dit is wat we vroegen.

De kern: erken de gemeenschapseconomie als derde pijler

Amsterdam staat voor opgaven die geen enkele partij alleen kan dragen. Wonen wordt onbetaalbaar, het elektriciteitsnet loopt vast, zorg loopt over, ontmoetingsplekken verdwijnen. De gemeenschapseconomie biedt op elk van deze fronten een derde weg: bewoners die zich verenigen, eigenaarschap nemen, en publieke opgaven dragen op een manier waar markt noch staat in slaagt.

We vroegen de formateur één kernzin op te nemen in het coalitieakkoord:

De gemeente erkent gemeenschapsinitiatieven als gelijkwaardige en cruciale partner voor een weerbare stad en ondersteunt ze door middel van: één aanspreekpunt met domeinoverstijgende doorzettingsmacht; meerjarige coöperatief georganiseerde financiering; en het één-op-één gunnen aan gemeenschapsinitiatieven, zowel qua inkoop als grondbeleid.

Niet als pilot. Niet als experiment. Als structureel onderdeel van hoe de stad werkt.

Per domein: wat er al ligt, en wat er nodig is

Wonen – Wooncoöperaties bieden een beproefd antwoord op de woningcrisis: permanent betaalbare huren, gemengde gemeenschappen, gedeelde voorzieningen. Nu het Rijk een landelijk fonds opent, heeft Amsterdam een unieke kans om voorop te lopen. We vroegen de gemeente om structureel kavels te reserveren en het gemeentelijk wooncoöperatiefonds te versterken.

Voedsel en groen – Gezond voedsel is een publieke basisvoorziening, geen luxe. Stadslandbouw en buurtcompostering vergroten de veerkracht van de stad én verkleinen gezondheidsongelijkheid. We vroegen om het recht op gezond voedsel te verankeren in beleid.

Energie – Energiegemeenschappen zijn er al. Honderden Amsterdammers organiseren zelf opwek, besparing en deling. Ze hebben geen subsidie nodig, maar ruimte, zekerheid en een gemeente die meewerkt. We vroegen om een versnellersprogramma naar 300 energiegemeenschappen voor 2030.

Cultuur en ontmoeting – Cultuur verbindt de stad en vermindert eenzaamheid. Maar de ruimte staat onder druk. We vroegen om meerjarige financiering als norm en een route voor coöperatief eigenaarschap van culturele plekken.

Vervoer – Coöperatief autodelen en deelfietsen zijn een bewezen alternatief voor een overvolle openbare ruimte. We vroegen om concrete doelstellingen, een financieringsfonds en een sociaal tariefstelsel voor mensen met een laag inkomen.

Zorg en welzijn – Amsterdammers zorgen al voor elkaar – in stadsdorpen, buurtcirkels, lief-en-leedstraten. Dat verdient erkenning en ondersteuning als structureel onderdeel van de sociale basis.

Technologie – Grote platforms onttrekken waarde uit de stad. Amsterdam kan zich profileren als hub voor democratische technologie – met gemeenschapsgedreven digitale infrastructuur als publieke voorziening.

Wat nu

We werken al samen met de gemeente aan concrete stappen. In mei een expertsessie over rechtstreeks gunnen. Een coöperatief fondsenplan dat we binnenkort toesturen. En in het najaar een werkconferentie met het nieuwe college om de uitwerking samen op te pakken.

De beweging is er. De wil is er. Nu het akkoord nog.

Lees de volledige brief via de link hieronder.